Etappe01 SGR Heuvelland Kemmel-Mesen

Bijgewerkt op: 20 mrt.

23,54km ─ ↑↓ 149m

Percentage verhard: 75% verhard

Startplaats: Dries, Kemmel

Aankomst: Marktplein, Mesen

Vervoer: Wagens

Hike: Katrien W., Fabian V. en Wandel Mee Met Mij


Wat een storm gisteren maar gelukkig voorspelt men voor vandaag gunstig wandelweer. Ik trommel enkele wandelmaatjes op om aan een nieuw avontuur te beginnen. Dit keer een kies ik voor een Streek-GR die hoge punten scoort bij vele GR-stappers, Streek-GR Heuvelland. Dit is de tweede Streek-GR die ik aandoe en tevens de laatste in West-Vlaanderen.


We spreken af rond 0830 uur op de markt van Mesen. Ik krijg tijdens mijn vroege ontbijt bericht van Fabian V. die me vraagt of we niet kunnen carpoolen. Een beetje aan de late kant denk ik dan maar Fabian komt wel altijd met uitstekende ideeën ‘grinnik’. Vijf minuten later zit ik in de wagen op weg naar de carpoolparking van Oostkamp, of is het nu Zedelgem? We geraken er niet uit ‘grinnik’. Ik stap in bij Fabian en we zetten koers naar Mesen. Ondertussen krijg ik bericht van Katrien W. dat ze een tiental minuten later zal arriveren dan afgesproken door file. Katrien komt van Antwerpen dus file is al snel een vaak voorkomend probleem.


Tegen 0900 uur zitten we samen in de wagen richting Kemmel waar we vlot kunnen parkeren. We zetten de eerste stappen richting de wandelboom waar onze Streek-GR op staat te pronken. Door het keuvelen stappen we na vijfhonderd meter al grandioos verkeerd en keren we onze kar richting het juiste traject. We stappen verder langs de Sint-Laurentiuskerk en via de trappen komen we uit op de Reningelststraat. Voor de tweede keer beseffen we, deze keer wel op tijd, dat we weer verkeerd lopen en keren we op onze stappen terug. We maken elkaar ervan bewust dat we beter moeten opletten, ook tijdens onze leutige gesprekken en stappen verder door de Heuvellandse velden in de omgeving van de Willebeek.


Na drie en een halve kilometer asfalt vreten afgewisseld door mooie verzichten komen we in de buurt van Dikkebus. Komende uit de Vierstraat slaan we linksaf op een fietspad dat ons naar de Dikkebusvijver leidt. Op dit fietspad komen we de eerste stormschade tegen, een enorme Canadese populier heeft het begeven en ligt dwars over het fietspad. We besluiten om van de boom gebruik te maken als zijnde een zitbank en nuttigen onze koffie of chocolademelk. Na Fabian's apenstreken kunnen we verder 'grinnik'.


We stappen verder richting de vijver waar ons nog een kanjer van een Canadese populier de weg verspert. Deze boom is zelfs nog dikker waarop we besluiten om ons via de kruin een weg te banen, dit lukt ons bij wonder goed. Langs de vijver krijgen we een idyllisch beeld: een vakantiegevoel. Katrien verwart de Dikkebusvijver met de Zillebekevijver, ze lijken misschien wat op elkaar door het boothuis maar de GR5A komt hier niet langs, Katrien ‘grinnik’.


We stappen verder via een onverhard wegeltje te midden van twee akkers richting Kasteel Elzenwalle. Door de kale bomen kan je het goed zien liggen maar het is te ver weg om details te spotten. We komen aan in het Tortelbos, hier heeft de storm ook goed huis gehouden. Het is hier tevens spekglad van de modder. Ik spot een bunker uit de Eerste Wereldoorlog, vermoedelijk een Duits exemplaar. Maar bij het schrijven van dit verslag en het bekijken van de kaarten ligt de bunker toch in geallieerd gebied. We verlaten het natuurgebied en zien Ieper in de verte al liggen. We keren haar echter onmiddellijk de rug toe voor een tochtje van een dikke twee kilometer langs het Kanaal Ieper-Komen. Jawel, het saaiste stuk van deze etappe volgens Fabian en gelijk heeft hij. Het is een fietssnelweg waar je als voetganger niet veel aan hebt en er is bovendien niet veel te zien.


“Het Elzenwalle kasteel heeft zijn naam te danken aan het gebied waar het staat. Het gebied is zeer vochtig en er vormen zich Elzenbroeken met de typische inheemse Elzen. Het achttiende-eeuwse kasteel is echter tijdens de Eerste Wereldoorlog totaal van de kaart geveegd. Het was één van de vier kastelen die zich op het grondgebied Voormezele bevonden. Enkel het Elzenwalle kasteel werd terug heropgebouwd in 1921 naar het ontwerp van architect-aannemer E. Blerot die door huwelijk tevens eigenaar van het kasteel was.”


Na kilometers asfalt slenteren en fietsers ontwijken, komen we aan de poort van het mooiste stukje natuur van West-Vlaanderen. De groene long van het Ieperse en tevens een geschiedkundig pareltje, het gebied Palingbeek. Ook hier kende de storm geen genade en zelfs nu de storm gaan liggen is maakt het slachtoffers. De grootste boom van ons gezelschap wordt plots geveld en komt vijf meter lager op zijn knieën terecht. Het is niet al te erg en we zetten onze tocht verder tot aan de bekende brug in de omgeving van Sluis 7bis. Hier houden we halt in een onderkomen om onze middag te nuttigen.


Na het middagmaal wordt onze tocht in twee delen opgedeeld. De voormiddag zonnig en nagenoeg windstil terwijl de namiddag begint met gedruppel en een strakke westenwind. We volgen het kanaal tot aan de volgende brug waar we rechts afslaan. Hier komen we uit aan een golfterrein en voormalig kasteeldomein Mahieu. Nu begint het echt goed door te regenen en de wind steekt ook een tandje bij. We komen aan de Huikerbossen waar we toch met menig ei in de broek doorheen stappen. Gelukkig komen we ongedeerd maar kletsnat aan de andere kant van het bos. Na enkele kilometers door de velden gestapt te hebben, stopt het met regenen en kunnen de wandelbroeken drogen want de wind weet van geen ophouden.


Aan virtuele kilometerpaal nummer achttien vind ik een lege obus, vermoedelijk een 125mm granaat. Ik neem ze even mee want Katrien en Fabian zijn al een eindje verderop. Ze vragen me of ik hem ga meenemen, het is uiteindelijk maar vijf kilometer meer. Dit zie ik echter niet zitten omdat de obus net iets teveel weegt. Ze kunnen haast niet geloven dat een stuk ‘buis’ zoveel kan wegen. Ik leg de obus terug in de graskant tegen een lantaarnpaal en we zetten onze tocht verder. Iets verder aan de Wambekestraat zie ik overblijfselen van een Wereldoorlog Eén bunker met een gebogen metalen golfplaat. We stappen weer verder en steken de Rijselstraat over.


Via de Klijtputstraat en de Gapaardstraat stappen we Mesen binnen. We stappen langs een oude steenbakkerij en vragen ons meteen af waarom men dit erfgoed zo laat verloederen. We hebben nog één kilometer te gaan en dan komen we aan de wagen van Katrien. Voor we vertrekken richting Kemmel gaan we eerst onze tank vullen met een biertje en een cola.


“De steen- en buizenfabriek werd in 1920 opgestart door Joseph Dumoulin ten behoeve van de wederopbouw na de Eerste Wereldoorlog. Van het oorspronkelijke bedrijf dateren nog de ringoven, de gemetste schoorsteen, het voorbewerkingsgebouw met machines en smidse, de gelijkvloerse droogloodsen, de kleiputten en het spoor met kiepwagentjes. Deze laatste en ook andere zaken, zijn gerecupereerd uit het achtergelaten frontmateriaal. Kort na de Tweede Wereldoorlog is het bedrijf uitgebreid met een kleitoren, droogloodsen in verschillende lagen en een mono-cilinder dieselmotor voor de aandrijving waardoor er tweeduizend tot drieduizend stenen per dag vervaardigd werden. Sinds 2000 is het gebouw erkend als bouwkundig erfgoed."




68 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven