Etappe03 GR128 Tournehem-sur-la-Hem - Wulverdinghe

Bijgewerkt op: 5 aug.

27,47km ─ ↑↓ 385m

Percentage verhard: 55%

Startplaats: Centrum, Tournehem-sur-la-Hem

Aankomst: Kerk, Wulverdinghe

Vervoer: Wagen

Hike: Johny G., Fabian V. en Wandel Mee Met Mij


Vandaag staat een top etappe op de planning. Ik heb immers een museumbezoek ingepland in Éperlecques. Zoals de vorige etappe heb ik enkele weken geleden weer een oproep gelanceerd op enkele Facebook groepen. Er kwam redelijk wat respons op en ik mag uiteindelijk twee bekende gezichten verwachten vandaag. Om 0745 uur sta ik aan de parkeerplaats aan de kerk van het dorpje Wulverdinghe. Ik zie dat Johny ook al staat te wachten maar ik verkies om eerst het kerkhof te bezoeken. Op het kerkhof breng ik hulde aan gesneuvelde Britten uit de Tweede Wereldoorlog en bekijk ook enkele oudere graven uit de negentiende eeuw. Wanneer ik de begraafplaats verlaat is ook Johny uit zijn wagen gestapt. We keuvelen over het wandelen en de omgeving in noord Frankrijk tot we Fabian zien aankomen. We wachten nog tien minuten, je weet maar nooit of er nog gegadigden opdagen. Geen mens meer te bespeuren dus we besluiten aan de wandeling te beginnen. We stappen in bij Fabian, hij brengt ons veilig naar de centrumparking van Tournehem-sur-la-Hem.




We starten onze tocht op een plein waarvan de naam een hele mond vol is, Place de la Comtesse Mahaut d’Artois. We steken het plein over en slaan Rue de Broukerque in, dit dorp heeft zelfs een openbare bibliotheek. Al snel verlaten we het dorp en stappen langs de statige kerk en het kerkhof. Na enkele honderden meters gaat het stevig bergop en staan we midden in de velden. Achter ons krijgen we zicht op de ruïne kapel ‘Chapelle Saint-Louis’. Normaal kijk ik niet achter mij maar dit kon ik niet laten, ik heb er helaas geen foto van genomen. We stappen langs tarwe en koolzaadvelden maar de gerst is hier al op vele plaatsen verdwenen enkel de ronde strobalen geven de graansoort prijs. We dalen en stijgen door het prachtige agrarische landschap richting Nort-Leulinghem.





“Anton van Bourgondië was Heer van Tournehem, Crèvecoeur, Beveren en Vlissingen. Hij was graaf van La Roche, Sainte-Menehould en Guînes. Hij was de tweede zoon van Filips de Goede. Hij droeg de benijde titel van Groot-bastaard van Bourgondië. Zijn moeder, Jeanne de Presle de Lizy, was de maîtresse van Filips de Goede. Hij vocht voor zijn vader op diverse veldslagen zoals de Slag om Nevele in 1452. In 1456 werd hij tot Ridder van de Orde van het Gulden Vlies geslagen en kreeg daarbij de prestigieuze ketting die in die tijd door negenentwintig anderen gedragen werd. In 1464 trok hij op kruistocht tegen de Turken. In 1465 nam hij deel aan de Slag bij Montlhéry en redde daar het leven van graaf van Charolais. In 1466 deed hij mee aan de bezetting van Dinant en samen met Karel de Stoute nam hij nog deel aan tal van veldslagen. Hij stierf in zijn heerschappij van Tournehem op 5 mei 1504. Vandaag de dag kan je nog sporen zien van de nalatenschap van Anton van Bourgondië in het centrum van Tournehem-sur-la-Hem, de watermolen aan de Rue de l'Etang bijvoorbeeld. Het huidige gebouw werd op het einde van de achttiende eeuw opgetrokken met de stenen afkomstig van de ruïnes van het kasteel van de Grootbastaard van Bourgondië. Een latei draagt het wapen en het devies van Anton van Bourgondië, er staat op te lezen: ‘Nul ne s'y frotte’”


Wanneer we het dorpje Nort-Leulinghem bereiken, valt ons oog op Église Saint André. Deze viel niet op door de omvang maar door hoe oogverblindend wit de kerk is. We bekijken het gebouw grondig en we bemerken dat het recent gerestaureerd is omdat er aan de ingang en aan de toren nieuwe krijtblokken gebruikt zijn. Zelfs enkele graven en de muur rondom de begraafplaats zijn gerestaureerd. We stappen verder en steken niet veel later de E15 autoweg over. Kronkelend, stijgend en dalend banen we ons een weg door het agrarische landschap. Mooie vergezichten en velden vol tarwe en koolzaad vullen ons beeld richting Foret d’Éperlecques.




“Er is weinig bekend over de oorsprong van Église Saint André. Aangenomen kan worden dat de witte stenen die voor de bouw ervan gebruikt werden, afkomstig zijn uit de voormalige krijtsteengroeve in het dorp. Onderaan het hoofdaltaar bevindt zich een roterend tabernakel daterend uit de vijftiende eeuw en verguld met fijn goud. Volgens de legende zou er een ondergrondse tunnel onder het altaar vertrekken om Tournehem en la Chapelle de Guémy te bereiken. De klok in de toren van de kerk draagt het wapen van de voormalige heer van Nort-Leulinghem.”


Wanneer we aankomen in het bos van Éperlecques is de temperatuur al iets gestegen en is het behoorlijk warm in de zon. Het bos geeft enige schaduw maar niet voor lang. Het kaarsrechte pad dat we volgen loopt parallel met de stand van de zon dus daar gaat onze schaduw. We besluiten onze lunch te nuttigen aan de kapel ‘Notre-Dame des Trois Cayelles’ in de schaduw van forse lindebomen. Na het eten, vertier en serieuze ‘klaps’ kunnen we verder met onze tocht. We volgen nog steeds het kaarsrechte pad en opeens fluistert Johny: ‘Kijk daar overstekende zwiens’. Inderdaad, een kleine honderd meter voor ons kruisen een zestal everzwijnen ons pad. Met een alert oog stappen we verder want je wil niet oog in oog staan met de grote zeug natuurlijk ‘grinnik’. We komen aan het eerste pad naar rechts dat ik eerder uitgestippeld had om naar het museum Blockhaus d’Éperlecques te wandelen. Helaas moeten we naar het volgende pad zoeken omdat een ijverige domeineigenaar het pad afgesloten heeft. Bij het volgende pad hebben we meer succes en zetten we de afdaling in naar het museum waar we bijna twee uur zullen bijleren over de site uit de Tweede Wereldoorlog.





“In maart 1943 startten dwangarbeiders de werken van ‘Kraftwerk Nordwest’. Duizenden Belgische, Nederlandse en Russische dwangarbeiders werden opgetrommeld om de reusachtige uit gewapend beton vervaardigde bunker te verwezenlijken. De afmetingen van de bunker zijn haast ongeloofwaardig te noemen. De zuidelijke bunker is negentig meter lang, vijftig meter breed en drieëndertig meter hoog. Waarvan, als ik mij niet vergis, maar zevenentwintig meter zichtbaar is boven de grond. De blauwdrukken van het complex zien er nog indrukwekkender uit want de omvang van de bunker die we vandaag zien zou maar één derde van de uiteindelijke voltooide bunker bedragen. De bunker werd nooit volledig afgewerkt als gevolg van de herhaaldelijke luchtbombardementen door de Britse en Amerikaanse luchtmachten, onderdeel van Operatie Crossbow tegen het Duitse V-wapenprogramma. Hierdoor zijn van op deze raketlanceerbasis zelf nooit V2’s afgevuurd. De bom die werd gebruikt om het noordelijke deel van de bunker te verwoesten werd de Tallboy genoemd. Een vijfduizendvijfhonderd drieënveertig kilogram zware bom die door een speciaal type van de Avro Lancaster bommenwerper afgeworpen werd op een hoogte van zesduizend meter. Tegen de tijd dat deze bom de bunker zou raken had ze de snelheid van het geluid doorbroken.”






Nog steeds onder de indruk van de grootsheid van de bunker zetten we de beklimming in op weg naar de originele route door het bos. Niet veel verder komen we aan het gekanaliseerde deel van de Aa en steken er de brug over op de Rue du Général de Gaulle. We komen aan in het centrum van Watten waar we zicht krijgen op de mooie kerk Église Saint Gilles. De GR volgt dan een iets of wat ongelukkige weg door de wijken van Watten en laat het historische gedeelte links liggen wat ik toch wat vreemd vind. Zo wordt de oude abdij van Watten niet aangedaan waardoor de GR toch een aantal uitzichten mist.


“Desondanks het feit dat de GR het historische gedeelte van Watten links laat liggen, neem ik het toch op in dit verslag. In 874 werd op de Watenberg een aan Sint-Rikiers, Richarius, gewijde kapel gebouwd. In 1072 stichtte Robrecht de Fries, graaf van Vlaanderen, er een mannenklooster. Graaf Diederik van de Elzas, graaf van Vlaanderen, werd er in 1168 begraven. De inkomsten van de abdij werden in 1560 toegewezen aan het nieuw opgerichte bisdom Omaars, na de vernietiging in 1553 van de oude bisschopsstad Terwaan. Geplunderd door de Geuzen en verbrand door de troepen van François de La Noue, werd de abdij geheel verlaten tot de bisschop er rond 1608 Engelse jezuïeten in onderbracht. Die orde werd evenwel opgeheven in 1762 waardoor de gebouwen terug onder het bisdom vielen. Ze werden kort daarop gesloopt om plaats en materiaal te leveren voor de landelijke residentie van bisschop M.H. de Conzié waarbij slechts de toren van de voormalige veertiende-eeuwse abdijkerk behouden werd als baken voor de zeevaarders. Na de aanhechting bij Frankrijk werd het strategisch gelegen complex tussen 1644 en 1662 omgeven door een aarden fort in de geest van Vauban."



We stappen door Bois Royal Watten en trotseren nog vele veldwegen en diens landelijke uitzichten tot we aan het pittoreske dorpje Wulverdinghe uitkomen. We nemen afscheid van Johny nadat hij controle deed van zijn wagen om te zien als deze al dan niet startte ‘grinnik’. Ik stap in mijn wagen en samen met Fabian zetten we koers naar Tournehem-sur-la-Hem waar ik hem op zijn beurt veilig afzet aan zijn wagen.

81 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven