Etappe05 SGR Heuvelland Boeschepe - Kemmel

25,61km ─ ↑↓ 499m

Percentage verhard: 60%

Startplaats: Kerkplein, Boeschepe

Aankomst: Dries, Kemmel

Vervoer: Wagen

Hike: Johny G., Lieve D. en Wandel Mee Met Mij


De eerste dag van mijn groot verlof ga ik meteen goed inzetten. Vandaag stap ik samen met twee bekende gezichten in de wandelwereld, Lieve en Johny. Beiden vlot in de omgang en vlotte stappers die ik met moeite net kan bijhouden. Het belooft vandaag een zwoele, hete dag te worden dus stuurde ik enkele dagen geleden een ‘memo’ zodat iedereen goed voorbereid aan de tocht kan beginnen. Vandaag sluiten we de cirkel van de Streek-GR Heuvelland en starten we in het gezellige Franse dorpje Boeschepe. De tocht brengt ons naar het alom bekende Kemmel waar Johny de eindmeet gewit heeft.


Vandaag starten we een uurtje later, het is niet van mijn gewoonte maar ik kon onze viervoeter niet vroeger bij familie achterlaten. Boeschepe ligt niet pal op de route dus heb ik thuis een aanlooproute uitgestippeld. Deze leidt ons via een andere weg, verschillend van de uitlooproute van de vorige etappe, naar de effectieve route. Wanneer we aan de Streek-GR toekomen, worden Johny en ikzelf meteen op de gevoelige plaat vastgelegd door Lieve. De finale is ingezet!


“Het drama van Boeschepe dat losbarstte op 6 maart 1906 leverde een mislukte inventarisatie op en op de koop toe een dode te midden van de St. Maartenskerk. Volgens de wet Combe ofwel scheiding van kerk en staat moest de kerk voortaan een boekhouding bijhouden en de inboedel van de kerk inventariseren. Enkele dagen voor het drama had pastoor Henri Haan de Boeschepenaren zo opgehitst over de inventarisering dat ze de boel op stelten zetten. Ze forceerden een toegang tot de kerk via de sacristie en in de kerk gooiden ze met stoelen naar de officiëlen en de gendarmes. Meneer Caillet werd geraakt en viel gewond neer. Om de wilde bende af te schrikken en op afstand te houden schoten ze boven de menigte en raakten hierbij de houten lambrisering van de kerk. De zoon van meneer Caillet panikeerde, trok zijn vuurwapen en schoot één keer in de menigte. Géry Ghysel, 29 jaar, slager van beroep, gehuwd en vader van twee kinderen werd getroffen in de borst en viel dood neer. Er was even onzekerheid over wie geschoten had maar autopsie wees uit dat de dodelijke kogel niet van een dienstwapen afkomstig kon zijn. De kogel kwam weldegelijk uit het wapen van Caillet jr.”


We stappen in het groen ten zuiden van Boeschepe steken Rue de Bailleul over en flankeren Mont Kokereel lanks de linkerkant. We wandelen enkele kilomters door de uitgestrekte velden met zicht op de Catsberg die al even achter ons ligt. Via Rue de Reninghelst en Rue Coustenoble verlaten we Frankrijk en betreden we het grondgebied van Westouter. Na twee kilometer komen we aan het eerste natuurreservaat, de Broekelzen. Buiten het gebied begint de dag al aardig op te warmen en daarom is deze natuurlijke airco meer dan welkom.


“De Broekelzen ligt in Westouter, Heuvelland, op de noordwestelijke flank van de Vidaigneberg die honderdzesendertig meter hoog is. Deze ”bult” maakt samen met de Rodeberg en de Baneberg deel uit van een langgerekte heuvelrug. Die heuvel is opgebouwd uit enkele klei-zandlagen. De onderlaag bestaat uit een stevige en ondoordringbare kleibank, Ieperiaanklei. Daarop rusten enkele zand- en kleilagen en bovenop ligt de fameuze ijzerzandsteenlaag, waar ook de silexkeien of ”vuurstenen” in te vinden zijn.”


Niet veel verder zien we de Baneberg liggen en wandelen we opnieuw een bos binnen. We stappen over de Hellegatbeek en dan krijgen we de eerste noemenswaardige beklimming voor de kiezen. We stijgen tot honderd meter boven de zeespiegel en dan krijgen we zicht op de ruïnes van Camping Kosmos. Johny laat me weten dat hij hier vroeger kwam zwemmen en dat de zwemkom nog steeds zichtbaar is. We bemerken een pad doorheen de zwemkom dat lijkt bezet te zijn door de oude tegels van het zwemcomplex. We stappen verder want het is hier behoorlijk warm. We passeren de Sulferberg en iets verder de Scherpenberg. Als beloning wandelen we het domein van de Kemmelberg binnen. Voor we de groene long van Kemmel betreden moeten we nog enkele kilometers velden trotseren. Deze kilometers doen ons zweten want de zon is genadeloos.


“Een zeldzame maar typische broedvogel voor het kleinschalige, afwisselende landschap van de Sulferberg is de geelgors. De kleine bosjes herbergen nog heel wat zangvogels zoals de grasmus, zwartkop, tuinfluiter en zanglijster. Ook de groene specht en de putter laten zich geregeld horen of zien. Elk jaar tiereliert de veldleeuwerik boven de open graslanden en akkers. Het gebied wordt steeds meer bezocht door dag roofvogels zoals de torenvalk, boomvalk, buizerd, sperwer en kiekendief. Onder de zoogdieren weten de hermelijn, wezel en bunzing de rust en de variatie te waarderen. De pad, bruine kikker, alpenwatersalamander, kleine watersalamander en de vinpootsalamander zijn ook goed vertegenwoordigd. Verschillende keren werd er ook een hazelworm waargenomen.”


Verbluft en verhit komen we aan op het domein van de Kemmelberg, vooral mijn kuiten hebben weer last van asfalthitte. We laten de Monteberg links liggen en vallen het gebied vanuit het zuiden binnen. Verschillende keren komen we de GR5A tegen en herken ik de paden van toen ik deze GR afstapte. De GPX die ik gebruik, laat het hier afweten want de markeringen zijn blijkbaar aangepast door een trajectwijziging. Geen erg want we krijgen de Kemmelberg langs een andere hoek te zien. We worden beloond met mooie vergezichten en mogen via een wijndruivenplantage van deze zichten genieten. Het lijkt wel of we in de Champagnestreek vertoeven met deze temperaturen en landschappen. We zeggen tegen elkaar: ‘Zou de Streek-GR de Kemmelberg niet beklimmen?’ Nog voor onze woorden koud waren, werd de zuidhelling voor onze voeten uitgerold. Jammer genoeg is deze helling geasfalteerd en op de top komen we voorbij de Kemmelbergpit waar een typisch volksverhaal aan vast hangt. We dalen de ‘Berg’ af via een onverharde trap. Deze trappen zijn moordend voor de schenen en knieën, de trappen zijn immers ontworpen voor reuzen. Via het kasteelpark verlaten we het domein en stappen we Kemmel binnen. We stappen over de Dries waar ik dit jaar aan deze Streek-GR startte met Katrien W. en Fabian V.. We houden nog even halt op een plaatselijk terras waar we even genieten van een verfrissend drankje.


“Het paardje van Malegijs. Op kermismaandag, rond de jaren 1520, wandelden drie meisjes uit eenzelfde buurt in de koele valavond door de stad Ieper. In de Tempelstraat ontmoetten zij een klein paard dat zonder leidsman was en scheen te dwalen. Het dier leek hen zo wondermooi, aardig en bevallig dat de drie meisjes bleven stilstaan om het te bekijken. Het steigerend paardje was wit, zonder haar en zeer glad alsof het borduursel was. Rond de buik zag men verscheidene ranken bloemen hangen. De benen van het paardje waren zo rond als gedraaide pilaren, terwijl garen kwispels de manen vormden en de staart gemaakt was uit bontkleurige zijden linten. Op zijn rug lag een zadel van rooskleurige zijden linten en een zadel van rooskleurige damast. Terwijl de drie meisjes zich door de ongewone schoonheid van het paardje lieten vervoeren, kwam van ver een knecht toegelopen die de meester van het verloren dier scheen te zijn. Dit is een kleine greep uit het volksverhaal dat zich afspeelde op de Kemmelberg en waarvan de put nog zichtbaar is. Voor het volledige verhaal verwijs ik jullie graag verder naar deze website ‘Paardje van Malegijs’


Aan Lieve en Johny, het was me een waar genoegen om deze finaletocht met jullie te stappen.




60 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven