• WandelMeeMetMij

Etappe17 GR5A Aalbeke-Wervikstraat

Bijgewerkt op: jan 25

Ik mag vandaag nog eens verder stappen over de GR5A van Aalbeke naar Wervikstraat, 18,9km volgens de topo-gids. Na de voorbereidingen kan ik echter geen degelijke parking vinden aan de Wervikstraat en verkies ik mijn etappe net wat te verlengen tot aan de kerk van Kruiseke. De etappe bestaat nu uit een aanloop en een uitloop. De aanloop beslaat 1,5km van aan de kerk van Aalbeke tot aan de Hoogmolen waar ik vorige keer gestopt ben. De uitloop bestaat uit een veldwegel die de GR5A verbindt met Kruiseke, deze beslaat ook 1,5km. Dit komt uit op 8km extra stapplezier wat ervoor zorgt dat de etappe 26,9km bedraagt, wat toch aan het maximum van mijn kunnen rijkt.


Ik parkeer de wagen aan de kerk van Kruiseke, een kleine parking voor de lokale basisschool. Ik bereid me voor en haal mij plooifiets uit de wagen. Met een beetje tegenmoed vertrek ik als een kerstboom vol lichtjes op mijn tocht van 20km naar Aalbeke. Ik rijd vooral langs de Ieperstraat en over het jaagpad langs de Leie tot ik na een goed uur aankom in Aalbeke. Blij dat deze 20km er weer opzitten mezelf bedenkend waarom ik dit toch doe, want ik haat dat kleine kreng dat niet vooruit lijkt te gaan.


Ik neem nog even rust en merk dat mijn baard drijfnat is van het hijgen ‘grinnik’. Volgende keer zal ik toch eens een handdoek moeten meenemen. Aalbele is toch een mooie gemeente en ik geniet van alle uitzichten gaande van de mooie kleine kerk, de kunst die geïntegreerd is in de bestrating tot het het oorlogsmonument ter hoogte van het café VanderGhimste. Ik kon het café, het monument en de kerk in 1 mooie foto vastleggen.


Mijn aanlooproute ligt op me te wachten en ik ga op weg. Het is tevens de uitlooproute van de vorige etappe. Een klein opwarmertje van 1,5km over een kasseien steegje langs het kasteeldomein Allart met de passende naam Allartbosweg. Opmerkelijk hier, is de zang van een bepaalde vogel die in Brussel ook veel te zien en te horen is. De Halsbandparkieten zitten blijkbaar ook in het park van dit kasteeldomein. Samen met de kauwen in de hoge bomen brengen ze een heuse herrie voort.


“Het centrale deel van het kasteeldomein Allart stamt uit de Heerlijkheid van Aelbeke, gedeeltelijk goed van de jezuïetenorde van Rijsel tot de Franse Revolutie waarna hun gronden werden verkocht. In 1870 werd het domein aangekocht door dokter Sioen, de grootvader van Georges Allart (naar wie het kasteel later wordt genoemd), als buitenverblijf. In 1909 vestigde Georges Allart zich definitief te Aalbeke. In 1910 werd het kasteel uitgebreid met een conciërgewoning, stallingen, garages, keukens en waskelders; waarbij de twee zijvleugels worden verbouwd en verhoogd. Ook het Art Nouveau getinte hoektorentje werd aan de woning toegevoegd. In 1911 werd het domein uitgebreid door de aankoop van circa 2 hectare grond, waarna Georges Allart het huidige landschapspark aanlegde.”


Aangekomen aan de Hoogmolen kan mijn etappe beginnen. Ik wandel naar beneden over een weinig zeggende geasfalteerde weg richting de Moeskroensesteenweg die ik schuin oversteek naar de Sterrestraat. Over een smal betonnen wegeltje zie ik in de verte de hoogovens van de bakstenenfabriek. Ik kom uit aan de brug over de E17, hier ga ik rechts richting het enorme monument De Sjouwer. Ik vervolg mijn weg zonder te beseffen dat ik verkeerd aan het lopen ben. Een kilometer verder begin ik echter argwaan te krijgen omdat ik geen GR-tekens meer tegen kom en neem er mijn app OsmAnd+ bij. Wat blijkt? Ik moest helemaal niet aan het monument zijn maar de brug over de E17 nemen. Ik wandel verder tot ik terug op dat smalle betonnen wegeltje kom. Terug aan de brug komende zie ik inderdaad een GR-teken aan de rechterkant van de brug hangen. Nuja geen erg, ik heb weer wat geschiedenis kunnen snuiven en dat geeft me een euforisch gevoel. Later blijkt dat ik een extra ommetje gemaakt heb van 2,5km.


“De Sjouwer is een monument ter ere van de seizoenarbeiders en grensarbeiders die naar Frankrijk gingen om zwaar werk te verrichten en dit deden zonder tegenpruttelen voor een ondermaats loon. Het monument werd opgericht door de Brusselse architect/beeldhouwer Jacques Moeschal die ook De Pijl, het paviljoen van de burgerlijke bouwkunde op de Wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel had ontworpen. Het werd ingehuldigd op donderdag 3 oktober 1974. De Sjouwer is gebouwd op een heuvel die tot stand is gekomen doordat men in de periode 1966-1977 de E17 moest uitgraven uit de zware leemlaag en dit tot op de kleilaag.”


Ik steek de E17 over en kom iets verder het volgende monument al tegen aan het 17de oktoberbos, dit keer een monument ter ere van gesneuvelde piloten uit 14/18. Vanaf hier stap ik verder over een onverhard gedeelte, jammer genoeg zal dit het voorlaatste onverharde gedeelte van deze etappe zijn. Daarom zet ik er stevig de pas in over het jaagpad langs de Leie om tegen de middag Menen te bereiken.


“Monument 17de oktoberbos ter ere van twee vliegeniers uit de Eerste Wereldoorlog. George Whitehead en Reginald Griffiths MC vertrokken op 17 oktober 1918 met hun dubbeldek vliegtuig vanuit Abeele. Hun missie bestond uit het lokaliseren van Duitsers die zich terugtrokken van aan de overkant van de Leie. Toen ze ter hoogte van Lauwe kwamen begonnen de inwoners naar het duo te wuiven en ‘Vive les Alliés!’ te scanderen. Het duo werd euforisch, deed een paar ererondjes om zo al wuivend rakelings over de huizen van Lauwe te vliegen. Enkele Duitsers hadden dit ook gezien en begonnen met machinegeweren naar het vliegtuig te vuren. Het vliegtuig schoot in brand en stortte neer in het veld van Farm Verbrugge. De twee piloten (20 en 23 jaar) stierven die dag in het ziekenhuis aan de gevolgen van hun verwondingen.”


In Menen gaat de GR5A door het meest lelijke stuk van de stad, wat zeer jammer is. Omdat er een mondmasker plicht geldt ga ik ook niet de toerist uithangen en vervolg mijn weg richting de oude Leie. De oude Leie volg ik dan tot aan het industrie gebied. Meer wil ik hier niet over kwijt want er is weinig tot niets aan te zien. Ik volg nu de Leie verder over het jaagpad en kom langs de sluis van Menen.

Iets verder laat ik de Leie definitief achter mij en maakt het landschap plaats voor leegte. Weidse velden doorweven met betonwegen. Een trieste aanblik passend bij het trieste weer, het begint vanaf nu te druppelen. Naarmate ik mijn weg vervolg en de kans om witloof te kopen aan me voorbij laat gaan, begint het steeds harder te regenen. Na een oversteek over een drukke weg kom ik uit aan de Wervikstraat, volgens de topo-gids het einde van de etappe. Ik had gelijk want er is in de verste verte geen parkeergelegenheid te bespeuren.


Ik zet mijn trieste tocht verder over asfaltwegen die per chance een beetje door het natte landschap kronkelen. Aan kapel Onze Lieve Vrouw van Troost sla ik links af en zie ik het laatste stuk onverharde weg op me afkomen. De regen is nu onverbiddelijk aan het neerslaan op mijn paraplu. Wat verder kom ik nog een oorlogsreliek tegen in de vorm van een varkensstaart. Het dringt tot me door dat ik korter bij het oorlogsgebeuren aan het stappen ben en daar ben ik zeer blij om.


“Een varkensstaart in de volksmond, officieel een schroefpiket, werd gebruikt om schrikdraad door te weven. Ze werden ingezet om zo wegen en fronten af te bakenen. De draden werden hier en daar ook onder stroom gezet waardoor deze dodelijk konden zijn. Denk maar aan de dodendraad die het bezette België met het neutrale Nederland moest scheiden.”


Mijn etappe loopt op zijn einde en halverwege de Blokstraat in Kruiseke neem ik een onverhard veldwegeltje dat uitkomt in het dorp van Kruiseke. Nu begint het echt te stortregenen en zelfs te sneeuwen. Het pad werd al gauw een stromende gracht en ik was behoorlijk blij toen ik mijn wagen zag staan.



154 keer bekeken3 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven